Afscheidsinterview met Klaas en Ciska

De mist hangt boven de IJssel. Wilde ganzen vliegen op voor de auto. David en ik (Henk Breukelman) zijn op weg naar Klaas en Ciska. Achter de dijk ligt hun rietgedekte terpboerderij uit 1848. Twee pony’s ademen wolkjes mist richting parkeerplaats. Onderaan de terp staat het roerloze water van een oude IJsselarm. Op dit mooie plaatje uit een prentenboek gaan Klaas en Ciska vanaf 3 februari opnieuw wonen. Hier is Klaas opgegroeid. Hier werd hij ooit door een visser van de verdrinkingsdood gered. En heeft hij er eenenvijftig jaar gewoond, waarvan negenentwintig jaar met Ciska en hun vier kinderen.

Hoe kijken jullie terug op je afscheid?

Ciska: Het ontroerde mij. Jullie hebben heel mooi uitgepakt voor ons. Er waren heel veel momenten, dat ik dacht: “Oh ja, dat is ook gebeurd.” Het hoogtepunt vond ik het optreden van Hanna en Kirsten. Maar ook het Zuiderzeelied, toen ik nog even mee kon spelen op de piano.

Klaas: Het was overweldigend. Ik zag er tegenop en heb het me laten overkomen. Het was scherp, maar oprecht, respectvol en inhoudelijk. “Je krijgt wat je verdient”, zei iemand en daar hou ik me dan maar aan vast. Mijn zoon appte mij: “Bijzonder om te zien wat voor impact je had op mensen.” En zo voelde het ook. Ik heb altijd veel draagvlak ervaren voor het werk dat ik mocht doen. Bij het handen schudden bijvoorbeeld werden allerlei persoonlijke dingen genoemd die ik al weer bijna vergeten was, maar die voor betrokkenen van heel veel waarde bleken te zijn. Het was al met al meer dan het gewone.

Je was geen doorsnee dominee, die na het vwo theologie is gaan studeren aan een universiteit. Jouw route liep heel anders. Je werd eerst melkveehouder en later predikant. Wat heb je meegenomen uit die eerste tijd?

Klaas: Ja, ik had er al een half werkzaam leven op zitten toen ik aan mijn tweede bestaan begon. We hadden al geleerd de mouwen op te stropen: vroeg opstaan, melken, aan een kalf trekken bij de geboorte en alle andere dingen die bij het boerenbedrijf horen. Ik ken het, zondags moe in de kerk zitten. Ik ben gelukkig nooit ziek geweest en heb nooit hoeven te verzuimen. Maar alles zat mee. Anders zou het anders gelopen zijn. Ik begon dus met de nodige levenservaring aan mijn nieuwe leven, met het ondernemerschap en een praktische instelling. Dat is geen waardeoordeel, zo is mijn route gelopen. We waren ook al gevormd door het leven. Ciska verloor haar vader toen ze dertien jaar was en ik mijn zus op mijn zeventiende. We hebben ons eerste kindje verloren bij de bevalling. Toen ik uitgenodigd werd om te spreken bij Wereldlichtjesdag (op de tweede zondag van december worden wereldwijd overleden kinderen herdacht), kon ik dat doen omdat we het zelf hadden meegemaakt.

Ciska: Je moet niet vergeten, dat ik negentien was toen we trouwden. Klaas had de Middelbare Landbouwschool gedaan, ik de Huishoudschool. Ik was jong, leek en niet assertief. We komen allebei uit een gezin waar het niet gewoon was, dat je ging studeren, maar toen Klaas op latere leeftijd aan zijn studie theologie begon, eerst op Hbo-niveau en daarna aan de universiteit, wilde ik ook. En hij moedigde mij meteen aan: “Ga je gang , als het maar niet op maandag is.” Want dat was zijn studiedag en er moest toch iemand thuis blijven voor de kinderen en de boerderij. Ik was achtentwintig en in die tijd was dat te oud voor een dagstudie. Gelukkig kon ik uiteindelijk toch terecht bij een flex-opleiding kraamzorg en heb ik later ook mijn Hbo-V-diploma gehaald. De studies hebben ons veel gebracht. We konden gelijk met elkaar optrekken en hebben daardoor veel van elkaar geleerd.

Je was meer een naar buiten dan naar binnen gerichte dominee. Waar komt die drang vandaan?

Klaas: Ik heb altijd gezocht naar de zin van geloof en spiritualiteit. Wat kan het voor mensen betekenen? En dat is meer van belang voor mensen buiten de kerk dan die van binnen. Die kennen die betekenis wel. In Amsterdam was ik daar mee bezig, ook over de grenzen van religies heen. En toen ik in Lelystad kwam kon ik er zo mee verder. Bij Straatpastoraat, Kerst in de stad, Burendag en Lelystad verbindt kon ik echt ambassadeur van Kerk in de Stad zijn. Zoals bij dodenherdenking of aandacht voor de Oekraïne- en Gaza-oorlog.

Jullie hebben als afscheidscadeau geld gevraagd voor een nieuw op te starten project: de kerk als oefenplaats. Oefenplaats van wat?

Klaas: Om beschaafd te leren botsen. De term is van Stevo Akkerman en zegt precies wat het is. In onze samenleving die steeds meer polariseert moet er een tegenbeweging komen, die zich richt op dialoog en verbinding. We moeten leren de ander te begrijpen, zonder elkaar de maat te nemen. Je mag je mening geven, maar wel op een respectvolle manier. Juist als thema’s schuren, moeten wij helpen het gesprek op gang te krijgen. Dat geeft hoopt en die is hard nodig. Daar kan de kerk een rol bij spelen. Bijvoorbeeld door het uitnodigen van prominente figuren op dat gebied. Ik denk ook aan een cursus voor sociale communicatie voor presentatoren van dialoogtafels. Hoe houd je je hart zacht?

“We moeten leren de ander te begrijpen, zonder elkaar de maat te nemen. Je mag je mening geven, maar wel op een respectvolle manier.” – Klaas de Lange

Ciska: Het is een proces van ontzuilen. Eeuwenlang hebben de kerken de discussie op de spits gedreven met scheuringen als gevolg. Nu moeten we de andere kant op, weg uit onze bubbels. En niet bang zijn. De kerk net zo goed, wij zijn ook een bubbel. Die oefenplaats is eigenlijk overal, ook om de hoek. Als je eerlijk en open bent, werkt dat aanstekelijk voor de ander en zet je iets in gang waarmee je verder komt.

Klaas: Ik ga het proces nauwgezet volgen, maar me er niet mee bemoeien. De Geloofsproeverij gaat dit project vorm geven en ik heb daar alle vertrouwen in.

De inzameling voor het afscheidscadeau voor Klaas en Ciska heeft €4.415,50 opgebracht voor het project “De kerk als oefenplaats”

Hoe kijken jullie terug op zeven jaar Lelystad?

Klaas: Het was een gouden tijd. Ik houd van pionieren. Dat had ik in Amsterdam al uitgebreid kunnen doen en daar kon ik bij jullie mee verder. Lelystad is een stad van pioniers. De mensen komen uit allerlei windstreken en zijn gewend om te dealen met de verschillen. Er zijn weinig tradities, de mensen zijn op elkaar aangewezen, want vrienden en familie wonen ver weg. Zo’n klimaat spreekt mij aan. Dat is een enorm verschil met het traditionele kerk-zijn, waar veel al vast ligt. En pionieren was noodzakelijk toen Corona kwam en de lockdowns. Zo’n crisis is voor veel mensen geen mooie tijd, maar voor een predikant als ik een prachtkans om andere dingen te proberen. En wij kregen als voorgangers de vrije teugel. De kerkenraad zei letterlijk: ‘Ga je gang maar’. Dat gaf vertrouwen. We namen diensten op in het station, Zuigerplasbos, rechtbank en bij de Houtribsluizen. We maakten een soort flashmob van zingende mensen thuis en ik werd vlogger. Het was een unieke tijd, maar het kostte ook veel energie. We hebben mensen wel wat overvraagd toen. En er is nog een reden. Lelystad heeft de problematiek van een grote stad. Acht tot tien procent is maar religieus, alle godsdiensten inbegrepen. Dat dwingt om daarover na te denken. Om in zo’n context te zoeken naar zingeving en spiritualiteit, dat past wel bij mij.

Ciska: Klaas houdt wel van ruwe randen en open eindjes. Daar liggen kansen. Dat ligt hem beter dan. Zo zijn we dat nou eenmaal gewend.

Wat ga je missen?

Ciska: Ik zal de mensen missen en de gezelligheid. Ik ben een mensenmens en ik hield ervan om op zondag naar de kerk te gaan en daarna koffie te drinken. Ik voelde me snel thuis tussen de mensen en dan werkt het uitnodigend om dingen aan te pakken. Dat vrijwilligerswerk zal ik ook missen. Ik heb heel veel terug gekregen van de mensen, niet alleen bij blijde gebeurtenissen, ook bij verdriet. Gelukkig werk ik nog twee dagen in de week bij de GGZ en kom ik dus nog onder de mensen. Verder hebben we afgesproken dat we één dag in de week iets samen gaan doen. Wandelen bijvoorbeeld. Ik heb Klaas rozen gegeven. Zeven, voor elk jaar één. En een bon voor een weekend in een klooster.

Klaas: Mijn collega’s Marjolen en Eva zeiden het plagerig tijdens Klaas tot hier, maar het is echt zo. Zij zijn meer dan collega’s voor mij geweest. We waren complementair, ook door een duidelijke taakstelling en een eigen doelgroep. Dan loop je elkaar niet voor de voeten en gaat het haast als vanzelf. Ik zal de multiculturaliteit missen en de ruimte. Niet alleen fysiek maar ook mentaal. Lelystad geeft ook in dat opzicht lucht. Ik zal ook het voorgaan in eigen gemeente missen, hoewel ik nog wel interim- predikant blijf. Ik heb nu geen ‘eigen plek’ meer en geen regie. Dat brengt ook de vraag mee: Wie ben ik als ik geen dominee meer ben?

Wat gaan jullie met je energie doen?

Ciska: Ik zal een bezige bij blijven. Alleen, ’s morgens als ik vroeg op ben, heb ik een stil moment met mezelf. De Paaswake op de vroege ochtend was echt iets voor mij. Op die stille momenten heb ik altijd mensen in mijn gedachten. Alleen in de vakantie kom ik los van alles.

Klaas: Heel veel energie betekent niet dat je altijd druk bent. Ik kan uren door de uiterwaarden dwalen of in een luie stoel zitten. Dan zit ik te mijmeren en dat kan heel creatief en spiritueel zijn. Mijmeren en energie zijn geen tegenstellingen, maar vullen elkaar aan. Het één kan niet zonder het ander.

Interview: Henk Breukelman
Foto’s: David Brouwer

 

 

Reactie Klaas & Ciska op afscheid:

Overweldigend was het afscheid van de PG-Lelystad met een toepasselijke variant van Even tot hier waarin veel van de afgelopen jaren op een ludieke wijze aan de orde kwam. En ook voor de kinderen een prachtig programma met goochelaar en pannenkoeken eten. Een prachtig programma dat mooi was samengesteld! In de dienst werd het einde van de werkzaamheden gemarkeerd met goede woorden. En in de afgelopen weken ontvingen we veel bloemen, presentjes, kaartjes, app-jes, mailtjes met waardevolle wensen. Het heeft ons geraakt. Dank voor het vertrouwen en dank voor de grote inzet voor het warme afscheid.

Mag het u allen goed gaan!
Hartelijke groet, Klaas en Ciska de Lange

 

 

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Goede doelen tijdens 40-dagentijd: veel oog voor kinderen in nood

Brede steun in gemeenteberaad voor beroep op ds. Kees Benard

Taizé-viering in Lelystad

Toeleven naar Pasen, dit gebeurt er in onze kerk

Mooie tussenstand van de Actie Kerkbalans 2026

Samen aan Tafel-maaltijden tijdens de veertigdagentijd